Gents gemeenteraadslid Ywein Joris (Vlaams Belang) heeft in de gemeenteraad voorgesteld om de kunstinstallaties ‘Broche’ en ‘HD 400’, beter bekend als de ‘Poutrel’, op de Korenmarkt te vervangen door bronzen standbeelden van Jan Borluut en Vina Bovy. “Het historische hart van Gent verdient beelden die iets vertellen over onze stad en de mensen die haar groot hebben gemaakt”, zegt Joris.
De Korenmarkt is voor veel bezoekers een eerste kennismaking met Gent. Volgens het Vlaams Belang moet de inrichting van het plein daarom aansluiten bij de historische omgeving. De twee abstracte kunstinstallaties die er sinds 2017 staan, missen volgens Joris een herkenbare band met de Gentse geschiedenis. “Op een van onze mooiste pleinen staan vandaag twee lelijke metalen zuilen waaruit de voorbijganger niets over Gent leert. Met standbeelden van Borluut en Bovy kunnen we het plein verfraaien en tegelijk onze geschiedenis tastbaar maken.”
Met Vina Bovy wil het raadslid de operazangers uit de vorige eeuw in de schijnwerpers plaatsen. De in armoede geboren Gentse groeide uit tot een internationaal gevierde sopraan en werd de eerste vrouwelijke directrice van de Gentse opera. “Vina Bovy bracht het van een Gents beluik tot de grootste operapodia ter wereld. Zo’n indrukwekkende vrouw verdient een zichtbare ereplaats in haar geboortestad. Haar verhaal kan ook volgende generaties Gentenaars inspireren.”
De keuze voor Jan Borluut is rechtstreeks verbonden met de locatie. Het Borluutsteen aan de Korenmarkt is vlakbij de ‘Broche’ gelegen. Borluut trok in 1302 met Gentse strijders naar de Guldensporenslag tegen het ridderleger van de Franse kroon. “Een beeld van Borluut vlak bij het Borluutsteen brengt een stuk geschiedenis zichtbaar tot leven”, aldus Joris.
“Gent heeft een rijke geschiedenis waar we met recht trots op mogen zijn. Laat die ook spreken op ons bekendste plein”, besluit Joris. “Met Borluut en Bovy geven we de Korenmarkt twee herkenbare Gentse gezichten en geven we Gentenaars én bezoekers een reden om stil te staan bij het verhaal van onze stad.”